Overzichtscursus Kunstgeschiedenis Moderne beeldende kunst, deel 3
Van Duchamp tot Koons
- Cursusnummer: 26ZN-1G13
- Vakgebied: Kunst- en cultuurgeschiedenis
- Locatie: Groningen
- Seizoen: 2026 zomer/najaar
- Dag: Vrijdag
- Inschrijven voor: vr 25 sep. 2026
- Tijd: 14.15 - 16.00 uur
- Cursusdata: Vrijdag 2 oktober t/m 4 december, 16 oktober vervalt.
- Prijs: € 250.00
- Aantal colleges: 9
- Werkvorm: Hoorcollege met mogelijkheid tot vragen na afloop
- Cursusmateriaal:
Hand-out wordt beschikbaar gesteld door de docent.
Aanbevolen literatuur:
Honour, H. en Fleming, J. Algemene Kunstgeschiedenis. 19de druk. Amsterdam: Meulenhoff, 2010.
ISBN 9789029085175 Prijs: € 99,99
- Opmerkingen:
Powerpoint van de cursus wordt niét digitaal beschikbaar gesteld.
Overzichtscursus Kunstgeschiedenis Moderne beeldende kunst, deel 3
Van Duchamp tot Koons
We vervolgen onze fascinerende ontdekkingstocht door de westerse kunstgeschiedenis van de twintigste eeuw. In dit derde deel komen onder meer dadaïsme, surrealisme, abstract expressionisme, popart, minimalisme, conceptuele kunst en postmodernisme aan de orde. U leert de stijlkenmerken herkennen en er wordt aandacht besteed aan materialen en technieken. De kunstenaars en kunstwerken worden geplaatst in hun kunsthistorische, historische en maatschappelijke context.
De dadaïsten ontwikkelen provocerende ideeën over kunst uitgedrukt in nieuwe mediavormen zoals performance en ready-made, een kant-en-klaar voorwerp dat tot kunst wordt uitgeroepen. Met Fietswiel op een krukje uit 1913 laat Duchamp de toeschouwer zich afvragen wat kunst is. Hij verruilt de esthetiek voor het idee en legt de basis voor
conceptuele kunst.
Geïnspireerd door Freuds psychoanalyse scheppen surrealisten figuratieve of abstracte onderwerpen vanuit hun onbewustzijn, droom en fantasie.
Na de tweede wereldoorlog verschuift het artistieke centrum van Parijs naar New York, waar belangrijke Europese kunstenaars naar toe zijn gevlucht. Het abstract expressionisme ontstaat en in West-Europa komt de CoBrA beweging op. Popart kunstenaars kiezen de gecommercialiseerde samenleving tot onderwerp. Minimalisten reduceren het kunstobject tot een materieel gegeven en in de conceptuele kunst wordt de gedachte, het concept het eigenlijke kunstwerk. Is de kunst dood?
Postmodernisten vervagen de grens tussen kunst en kitsch. Koons exposeert in het museum stofzuigers in een perspexvitrine, Scholte beschouwt het copyright als een totalitaire maatregel en Hirst komt met een haai op sterk water. Waar gaat dat naar toe?
Programma:
In negen hoorcolleges komen onder meer de volgende onderwerpen aan bod: dadaïsme, surrealisme, abstract expressionisme, popart, minimalisme, conceptuele kunst, schilderkunst jaren zeventig en postmodernisme. Kunstenaars die worden behandeld zijn o.a.: André, Dali, Duchamp, Franckenthaler, Hoch, Kiefer, Koons, Magritte, Miró, Oldenburg, Oppenheim, Pollock, Rothko, Scholte en Warhol.
Deze cursus is een vervolg op de overzichtscursus Moderne beeldende kunst - deel 2, maar kan ook goed los worden gevolgd.
Afbeelding: Jeff Koons (1955), Puppy, 1992. Roestvrij staal, aarde en bloeiende planten, 1240 x 1240 x 820 cm. Museo Guggenheim, Bilbao, Spanje (Wikimedia Commons).
Drs. Miranda van Gelderen
Miranda van Gelderen is kunsthistoricus. Zij doceert kunstgeschiedenis, geeft cursussen, lezingen en begeleidt stadswandelingen en excursies. Speciale aandachtsgebieden: 17de eeuwse schilderkunst Noordelijke Nederlanden, algemene kunstgeschiedenis, materiaalonderzoek van kunstvoorwerpen, beeldhouwkunst, Westerse architectuur, Byzantijnse- en islamitische beeldende kunst en architectuur.