Menu

Belle Époque in Frankrijk, 1880-1914

Belle Époque in Frankrijk, 1880-1914
  • Cursusnummer: 20WF14
  • Vakgebied: Mens en maatschappij
  • Locatie: Leeuwarden
  • Seizoen: Winter 2020 (start januari-maart)
  • Dag: Dinsdag
  • Uiterste inschrijfdatum:
    21 Jan 2020
  • Tijd: 13.15-15.00 uur
  • Cursusdata: 4 februari t/m 31 maart 2020, 18 februari vervalt
  • Prijs: € 178.50
  • Aantal colleges: 8
  • Werkvorm: Hoorcollege
  • Cursusmateriaal:

    Hand-outs

  • Opmerkingen:

    De powerpoints van deze cursus worden niet digitaal beschikbaar gesteld

Belle Époque in Frankrijk, 1880-1914

De benaming Belle Époque ontstond in Frankrijk na het bloedbad van de Eerste Wereldoorlog (1914-18) en refereert aan het verloren paradijs van een lange periode van vrede, onbezorgdheid, economische welvaart en talrijke technologische, wetenschappelijke en culturele innovaties, vooral in de jaren 1895-1914. 

De wereldtentoonstelling van 1900, vitrine van Franse macht en prestige, trekt 50 miljoen bezoekers. Op cultureel gebied valt de opkomst van de filmindustrie op, evenals nieuwe stromingen in de literatuur, de muziek en de schilderkunst (o.a. impressionisme, fauvisme) en zijn het de hoogtijdagen van de Art Nouveau (Franse Jugendstil). De Belle Époque markeerde tevens het ontstaan van de populaire cultuur en de vrijetijdsbesteding. In tegenstelling hiermee werd deze gouden tijd ook gekenmerkt door het harde leven en de uitbuiting van fabrieksarbeiders en mijnwerkers en door prostitutie, alcoholisme en geslachtsziekten. Er vonden harde sociale conflicten en anarchistische terroristische aanslagen plaats en de Dreyfusaffaire scheurde families uiteen.  

Programma 

  1. Vrede en welvaart; de verschillende sociale klassen; de opkomst van de bourgeoisie.
  2. De Derde Republiek; het koloniale rijk; nieuwe politieke stromingen; vrouwenemancipatie.
  3. Het geloof in de vooruitgang. De Parijse wereldtentoonstellingen en hun gevolgen op het stadsaanzicht (o.a. Eiffeltoren, metro, stations ...).
  4. Vrijetijdsbesteding, begin van het toerisme.
  5. Parijs als hoofdstad van het uitgaansleven (en van de prostitutie).
  6. Nieuwe stromingen in de schilderkunst en de literatuur.
  7. Art Nouveau, muziek, dans (Ballets russes).
  8. Dieptepunten: de Dreyfuszaak, de arbeiders, alcoholisme en geslachtziekten, anarchistische aanslagen. Het selectieve geheugen over deze periode.
Alberte Roué

Alberte Roué was verbonden aan de afdeling Frans van Romaanse Talen en Culturen (RTC) bij de RUG. Ze gaf daar colleges Franse taalvaardigheid en cultuur.